Voor het eerst gaan we samen
vliegen. Voor Carienne de eerste keer, ik was al een keertje naar Spanje
gevlogen toen ik voor het eerst alleen met een vriend op vakantie ging. Negen uur heen
een lange zit, plus je vliegt met de tijd mee dus de dag wordt ook nog
verlengd. Terug is vermoeiender omdat je tegen de tijd in vliegt en
daarmee als het ware een nacht overslaat.
We worden opgehaald door oom
Henk en tante Marie, de zus van Carienne's moeder, die net als
zovele anderen in de 50tiger jaren naar Canada zijn geëmigreerd. Na
aankomst rijden we eerst naar John, de middelste zoon van H&M, die op
iets meer dan 50km van hen af woont in Rockwood. Hij en zijn vrouw Joy wonen net buiten het dorp
en hebben daar een soort boerderij, prachtig gelegen. We maken driftig
gebruik van hun zwembad. We gaan daarna naar het huis van H&M. De dagen
daarna pendelen we wat heen en weer tussen die 2 locaties en logeren ook
bij John en Joy, die in verwachting is. We lenen hun
Pick-up en gaan daarmee naar Lake Huron voor een dagje aan het
strand. Vanaf John's huis is het ongeveer 100km en die weg naar het
strand is eindeloos recht, zoals de meeste wegen in Canada. Dit hadden we al vanuit
het vliegtuig gezien, maar
nu ondervinden we dit aan den lijve. De zon brandt genadeloos door de
achterruit van de Pick-up en C's nek is aan het eind van de rit goed
verbrand. De lusjes van haar topje staan wit afgebeeld in haar nek. Op
het strand zijn wij nagenoeg de enige en dat vonden wij toen maar erg
saai.
We bezoeken vanuit Rockwood
Black Creek Pioneer
Village, een openluchtmuseum en zien daar de historie van Canada in
een notendop. We willen uiteraard ook nog het echte Canada zien en huren
een auto voor een drietal weken. Oom Henk staat garant voor de
verzekering en de borg, want die is erg duur voor mannen onder de 25
jaar. Vrouwen worden niet gediscrimineerd en daarvoor geldt het normale
tarief, maar aangezien ik natuurlijk wil rijden betalen we het volle
pond. We gaan eerst bij Alex (Alec) en Penny + kids op bezoek. Die wonen
net buiten Toronto in Pickering. Ze laten ons de stad zien, die we
daarna ook
nog vanaf 447m uit de lucht zien, nl. vanaf de
CN-tower,
die net een jaar daarvoor gereed was gekomen en tot aan 2007 met zijn
533m het hoogste vrijstaande gebouw ter wereld was. In nog geen minuut
ga je omhoog en dan krijg je een indrukwekkende sightseeing.
Wolkenkrabbers zijn als kleine domino steentjes, terwijl die vanaf de
grond weer afschuwelijk hoog zijn. Na een dag of wat gaan we op pad. We
hebben de tent van H&M bij ons, maar uiteindelijk gebruiken we die als
ik me goed herinner maar 1 of 2 keer. We gaan richting het noorden langs
de Saint Lawrence River, de natuurlijke scheiding tussen Canada en Amerika
en passeren tevens
Thousand Islands in deze rivier. (Daar komt dus de naam van de
bekende saus vandaan) In Ottawa nemen we een hotelletje midden in de
stad en worden
overvallen door de immense hitte en vochtigheid. Als je een stap
buiten de deur zet ben je gelijk kletsnat. We besluiten om de stad aan
het eind van de middag/begin van de avond te bekijken als het enigszins
is afgekoeld. Een dag of wat later gaan we richting Hans en Cathy via
Algonquin
National Park. Hans is de
jongste zoon van H&M. Hij woont in de middle of nowhere bij Utterson aan
het Skeleton Lake, een prachtige plek, maar wel erg ver van alles
verwijderd. Hans neemt ons mee naar de plaatselijke
afvaldump waar 's avonds beren rond schuimen. Erg spannend zulke dieren in het wild vlak bij je auto te zien en
niet geheel ongevaarlijk. Vervolgens krijg ik midden in de nacht verschrikkelijke
kiespijn en moet daar op een ruim een ½ uur rijden naar een tandarts. Blijkt dus
geen kies maar een tand te zijn en ik krijg een wortelkanaalbehandeling
en een noodvulling.
Na een paar dagen gaan we richting
Manitoulin
Island. Dit schitterende eiland is als ik me goed herinner het
enige indianenreservaat van Ontario. We bezoeken in één van de dorpjes
een exhibition, waar indianen nog hun traditionele dansen laten
zien. Wat me is bijgebleven is een dans met verschrikkelijk veel
hoepels die die indiaan in allerlei manieren om en op zijn lichaam heen
draaide, zoals een pauw zijn veren showt. We kamperen voor 2 nachtjes op
een camping en worden gewaarschuwd vooral geen voedsel in de tent en auto te
bewaren om te voorkomen dat er beren op af komen. Bij de receptie kon je net zoveel hout krijgen als
je wilde om een kampvuur te maken.
Wij rijden door naar Sault
Ste. Marie, een grote grensstad met Amerika. Wij nemen een Holiday Inn en boeken
een rondvaart. Wij denken lekker langs de rivier te varen, maar in
plaats daarvan laten ze je hier vol trots de, volgens hun zeggen, grootste
zeesluizen ter wereld zien. De verbinding voor zeeschepen vanaf Lake Huron naar Lake Superior. We varen door de sluizen en langs grote bergen
erts en vieze hoogovens en vervolgens weer terug naar de
vertrekplaats. Wat een deceptie. Maar gelukkig hebben we nog een excursie op het
programma staan en daarvoor moeten we vroeg opstaan. We maken met de
trein de Agawa
Canyon Tour, een tocht van 184km door ongerepte natuur. Hier lopen
geen wegen. De tocht (toen 15 Canadese Dollars, nu 32 jaar later is die
zelfde tocht nog steeds te maken echter voor 65 Dollar) duurt ruim 4 uur naar de
eindbestemming en gaat inderdaad door fantastische natuur. We kunnen 's
ochtends vroeg de trein vanuit onze kamer op het station zien staan. We
hoeven dus niet ver te lopen. Deze tocht mag je beslist niet overslaan
als je in de buurt bent. De tijd aan het eind van de trip is
echter veel te kort en voor je het weet moet je al weer aan boord voor
de ook weer 4 uur durende terugreis.
Vanuit Sault Ste. Marie
willen we naar Amerika. We hebben daar al rekening mee gehouden en
hebben ruim van te voren in Nederland voor 10 gulden een visum
aangevraagd. Dus wat denk je dan? Even je paspoort met je visum laten
zien en doorrijden maar. Dus niet. Zo spastisch schizofreen als die Amerikanen nu
zijn, zo waren ze toen ook al. Of we maar even wat formulieren
wilden invullen. Tevens kregen we van zo'n blokhoofd van een
grenswachter een stortvloed van vragen over ons heen. Na alles keurig te
hebben ingevuld en te hebben beantwoord konden we na ruim een uur verder.
Het stuk door Michigan naar Detroit vonden we niet veel aan en aan het
eind van de dag reden we zonder moeilijkheden de grens met Canada weer
over. Via Blue Mountains aan de zuidkant van Georgian Bay, een prachtige
kust met fantastische vergezichten over de Bay reden we terug richting
H&M in Elmira. Inmiddels was Joy bevallen van hun eerste dochter, dus
konden we gelijk op kraamvisite bij het 3e kleinkind van H&M.
Nu we weer terug zijn in Elmira
ontkomen we niet aan het zien van Mennonites. In de omgeving wonen
van oudsher veel Mennonites, volgelingen van de Friese Menno Simons.
Deze van oorsprong doopsgezinden wonen o.a. rond Elmira en leven erg
primitief. Geen elektra, geen auto enz. Alleen de iets modernere Mennoniet rijdt een auto, maar al het
chroomwerk, als dat erop zit, wordt zwart gespoten. Op zich een hele bezienswaardigheid,
wat natuurlijk voor die mensen storend is als ze zo bekeken worden, maar
om in de 20ste eeuw nog 18-eeuwse taferelen te zien is wel heel
bijzonder. Als je het over Ontario hebt, heb je het ook over de Niagara
watervallen. Natuurlijk maken we ook nog een tocht naar Niagara Falls,
dit mag natuurlijk niet ontbreken als je in Ontario bent geweest. Erg
indrukwekkend dat natuurgeweld. Ontario, het is maar één provincie van Canada,
zo mooi, maar ook zo groot dat een maand veel te kort is. We doen er nu
al jaren over Frankrijk een beetje te leren kennen en Ontario is qua
oppervlakte 2x zo groot.
Na nog een paar nachtjes bij
H&M zit onze vakantie van een maand in Canada er al
weer op.
|